Het thema van het project is ‘Identiteit’. Tijdens dit project leren leerlingen kritisch kijken naar de kracht van beeldtaal in documentaires en ze gaan zelf een mini-docu maken in tweetallen. VO leerlingen gaan werken met apparatuur die tot hun eigen beschikking staat: hun mobiele telefoon en pc’s op school en thuis. Op deze manier worden leerlingen niet alleen opgeleid tot kritische consument, ze worden ook actieve en creatieve producent.

Binnen dit project spelen schooldocenten een belangrijke rol: zij krijgen een docententraining van De frisse blik en geven de 3 á 4 voorbereidende reflectielessen zelf met behulp van de Elektronische Leeromgeving van De frisse blik. Ook maken de docenten tijdens de training zelf een mini-docu, zodat ze samen met de trainer van De frisse blik de leerling kunnen begeleiden bij zijn montage van de mini-docu.
 
De docent volgt een training van twee dagdelen in het werken met de ELO en het maken van een mini-docu. Daarna gaat ze dit project geven in de klas gedurende 3 á 4 lesuren: de lessen bestaan uit allerlei interessante fragmenten uit IDFA documentaires over identiteit, afgestemd op VMBO leerlingen. Door middel van de vragen en opdrachten daarbij maken de leerlingen kennis met de kracht van beeldtaal in documentaires: welk verhaal vertelt de documentairemaker? Hoe heeft hij zijn ‘gereedschap’ (camera, interview,geluid, montage) daarvoor ingezet? En wat voor effect heeft dat op ons als kijker? Ook zal er aandacht besteed worden aan het begrip identiteit. Een onderdeel van deze vier lessen is het maken van een filmplan voor een eigen mini-docu.
 
De leerlingen gaan vervolgens met hun eigen mobiele telefoon filmen. Zij kunnen daarmee een portret maken van zichzelf, een familielid of bijvoorbeeld van een rapper uit de buurt. Of van iemand die iets heel goed kan of iets bijzonders heeft meegemaakt. Ze gaan dat monteren ‘in the cloud’, op een montageprogramma waarmee ze zowel op school als thuis kunnen werken. De frisse blik zal gedurende twee dagdelen de leerlingen, samen met de schooldocent, begeleiden in het maken van hun montage. Uit elke klas wordt een aantal films genomineerd en de prijswinnende films worden vertoond op het jaarlijkse IDFA in november.
 
Na afloop van het project hebben de leerlingen inzicht in de verschillende keuzes die programmamakers maken. Zij hebben kennis van beeldtaal en wat voor effect de keuzes van de programmamaker op het publiek kunnen hebben. Het eindresultaat is een eigen filmportret over elkaars identiteit.

Het project is gericht op overdraagbaarheid, zodat VO-docenten na afloop het project zelfstandig kunnen voortzetten en het een vast onderdeel van het curriculum kan worden.