De eerste zin. Van dat sms’je. Waarin je vertelde dat je verliefd bent. De eerste kus, die naar patatje oorlog smaakte. Dat eerste glas bier. Toen vol overgave nog een stuk of vier – en later in dat steegje overgeven. De eerste keer ‘ik ook op jou’ horen. Of afgewezen worden. Telkens weer komt de eerste keer. In alles. Spijbelen. Ongesteld worden. Roken. Vrijen. Zonder je ouders reizen. Voorbij grenzen gaan.