Alle dieren spelen om te groeien. Ze prepareren zich op het leven daarbuiten. Pokon neemt dit groeispel met een apart stel onder de loep. Het is alsof de dansers groeivoeding hebben gekregen en niet meer kunnen stoppen. Ze verliezen zichzelf in hun eigen spel dat overslaat op alles wat voor handen is. Een wervelende voorstelling met val- en vliegwerk over tafels en trappen. Alles voortgestuwd door hypnotiserende gitaarmuziek.

‘Kinderen spelen niet, ze voeren rituelen uit, in eindeloze herhaling en variatie; het is ze ernst. Hun intuitie geeft er de lichtvoetigheid van een spel aan, maar ze zijn serieus. “Spelen” is een uitdrukking van volwassenen, die de ernst voor hun eigen daden claimen. Een schadelijke omkering, die onvermoede kennisoverdracht blokkeert.’ - A.F.TH. van der Heijden