Bo gaat met zijn vader naar het strand om zijn vis te begraven. Omdat hij ook pas een nieuw zusje heeft gekregen, zit hij zol vragen. Wat is het begin en het einde van de wereld, wat is het begin en het einde van alles? Dat wil hij weten. En hij vraagt het aan iedereen die hij tegenkomt. De strandjutter vertelt hem dat het begin in het zand te vinden is. De dinosaurus weet meer over heel vroeger. Bij de visser in zijn boot leert hij dat God alles heeft gemaakt. En de vis in het water, laat hem alle kleine beestjes zien die daar rondkrioelen. Als die beestjes, zegt de vis, hebben het in zich iets heel anders te worden. Ze kunnen uitgroeien tot vissen, maar ook tot krokodillen, vogels, mugjes of zelfs een mens. 

Water en zand is een prachtig beeldende poppenvoorstelling waarin we kleine kinderen laten meedenken over grote zaken.